Begraven, cremeren of invriezen?

(eerder gepubliceerd in HP/De Tijd, 12 mei 2006)

door Henry R. Sturman


Na de dood verder leven in een jong, gezond lichaam dat nog eeuwen meegaat. Steeds meer mensen geloven dat het straks misschien kan en sluiten een invriescontract


Stel, u bent nu veertig en na een gezond en geslaagd leven komt u in 2046 op uw tachtigste aan een hartaanval te overlijden. U heeft laten vastleggen dat u na uw overlijden wilt worden ingevroren. Tweehonderd jaar later, in 2246, wordt uw lichaam ontdooid en met de modernste medische technieken wordt uw hart gerepareerd, wordt alle schade aan uw lichaam door het invriezen hersteld en worden al uw organen en weefsels verjongd. Al uw cellen worden weer in gezonde staat gebracht, er wordt vers bloed in uw aderen gepompt en uw hartslag en ademhaling worden weer op gang gebracht. U wordt wakker, doet uw ogen open, en krijgt te horen dat u gereanimeerd bent na twee eeuwen ingevroren te zijn geweest. Na van de schrik te zijn bekomen, begint u aan uw nieuwe leven in de toekomst, in een lichaam dat weer zo fit is als toen u twintig was. Science fiction? Vooralsnog wel. Maar science fiction uit het verleden is vaak de werkelijkheid van de toekomst. Denk bijvoorbeeld aan Jules Vernes raket naar de maan.

Biogerontoloog Aubrey de Grey doet aan Cambridge University onderzoek naar manieren om veroudering te 'genezen'. Hij gelooft dat het mogelijk moet zijn om veroudering tegen te gaan en zelfs ongedaan te maken. Het feit dat er wereldwijd dagelijks zo'n honderdduizend mensen sterven aan ouderdom of daaraan gerelateerde ziekten, ziet Grey als een gigantisch drama, en hij pleit daarom voor het beschikbaar stellen van grote sommen onderzoeksgeld om deze ramp te bestrijden. Als we erin slagen ons lichaam permanent in de gezondheidsconditie van een tiener te houden, dan krijgen we volgens Grey een levensverwachting van minimaal duizend jaar (zie HP/De Tijd, 14 maart 2003).

Stel dat Grey gelijk heeft met zijn voorspelling, en dat we over vijftig jaar het aftakelen van ons lichaam kunnen voorkomen en ongedaan maken. Dan is het voor mensen van mijn leeftijd (rond de veertig) nogal zuur dat wij de laatste generatie zijn die aan ouderdom zal overlijden. Cryonisme kan een oplossing zijn om de tijd te overbruggen tot het verouderingsprobleem is opgelost. Cryonisme is het invriezen van overleden mensen in de hoop dat toekomstige medische technologie hen weer tot leven kan wekken, de ziekte waaraan ze zijn overleden kan genezen, en hun lichaam weer jeugdig kan maken. Ik heb ook besloten me na mijn overlijden te laten invriezen. Het is een speculatief idee, dus ik reken er niet op dat het werkt. Maar in elk geval geeft dit me een kans op een vervolgleven, terwijl ik bij begrafenis of crematie zeker weet dat mijn leven voorgoed ten einde is.


Cryonisme werd voor het eerst serieus bepleit en uitgewerkt in 1964, in het boek The Prospect of Immortality van de Amerikaanse natuurkundige Robert Ettinger. In 1967 werd de eerste mens met cryonische technieken ingevroren. De decennia daarna bleef cryonisme een activiteit van een heel kleine groep excentriekelingen. Maar de laatste tien jaar beginnen meer mensen het serieus te nemen, doordat cryonisme technisch steeds geavanceerder en geloofwaardiger wordt, en door publiciteit via internet. Echt doorgebroken is het cryonisme echter nog niet. In totaal zijn op dit moment ongeveer 150 mensen ingevroren. Er zijn twee cryonisme-organisaties van betekenis in de wereld, allebei gevestigd in de VS: Alcor en het Cryonics Institute. Samen hebben ze zo'n 1250 leden met een invriescontract, onder wie een stuk of tien Nederlanders.

Het reanimeren van ingevroren mensen klinkt onwaarschijnlijk, maar de Noord-Amerikaanse houtkikker bijvoorbeeld doet van nature al iets dergelijks. De kikker brengt tijdens de winterslaap twee à drie maanden in gedeeltelijk bevroren toestand door, om in de lente te ontdooien en vrolijk verder te leven. Het dier produceert een soort antivries, waardoor de vorming van ijskristallen die cellen kunnen beschadigen, wordt beperkt. De laagste temperatuur die de kikker kan overleven is acht graden onder nul. Hart en ademhaling staan daarbij volkomen stil. Als bevroren kikkers weer tot leven kunnen komen, dan lukt dat wellicht ook ooit met bevroren mensen.


De kans dat reanimatie ooit mogelijk zal zijn, hangt sterk af van de schade die ontstaat voor en tijdens het invriezen, vooral de schade in het hersenweefsel. De moderne wetenschap neemt immers aan dat de identiteit van de mens (de 'ziel', zo u wilt) in de vorm van persoonlijkheid en geheugen in de hersenen ligt opgeslagen. Als het lichaam beschadigd wordt ingevroren, zou dit geen probleem hoeven te zijn, mits die schade in de toekomst kan worden hersteld, of er een nieuw lichaam kan worden gecreëerd. Maar als de hersenen dusdanig beschadigd zijn dat de informatie die ons als individu definieert verloren is, is reanimatie van het oorspronkelijke individu onmogelijk. Vandaar dat er zo snel mogelijk na overlijden actie moet worden ondernomen, voordat het hersenweefsel begint af te takelen. Cryonisten dragen daarom doorgaans een medische hals- of polsketting waarop het alarmnummer van hun organisatie vermeld staat. Bij het overlijden schakelt die organisatie een arts, begrafenisondernemer of een eigen team in om meteen met de conservering te beginnen.

De procedures na overlijden verschillen afhankelijk van de situatie en de betrokken organisatie, maar doorgaans is het ongeveer als volgt. Vlak na het overlijden worden antistollingsmiddel, en medicamenten om weefselschade te beperken, toegediend en worden handelingen uitgevoerd die normaal gesproken zijn bedoeld om iemand te reanimeren (borstcompressie en kunstmatige beademing). Hierdoor blijven de bloedsomloop en de zuurstoftoevoer naar de hersenen enigszins op gang, zodat de medicamenten zich verspreiden en de aftakeling van de hersencellen wordt vertraagd. Intussen wordt het lichaam, en vooral het hoofd, met ijs tot een paar graden boven nul gekoeld, wederom om de aftakeling te vertragen. Dan wordt het lichaam gekoeld vervoerd naar de betrokken cryonismeorganisatie in de VS. Daar wordt het bloed vervangen door een soort antivriesmiddel, dat ervoor zorgt dat de vorming van ijskristallen wordt beperkt.

Ten slotte wordt het lichaam langzaam gekoeld tot -196 graden, waarna het voor onbepaalde tijd wordt bewaard in een gigantische thermosfles met vloeibare stikstof. Het lichaam blijft gekoeld door het langzaam verdampen van de stikstof, die om de paar weken moet worden bijgevuld. De temperatuur blijft daarbij continu op -196 graden. Bij die temperatuur kan het lichaam duizenden jaren bewaard worden zonder verdere aftakeling.

Tegenwoordig wordt steeds vaker een zogeheten vitrificatieproces uitgevoerd. Dat wil zeggen dat er een speciale oplossing in het lichaam wordt gebracht die bij het koelen in een soort glas verandert in plaats van in ijs, waardoor de vorming van ijskristallen vrijwel volledig wordt voorkomen. Wel is er sprake van andere schade, doordat er barsten in het 'verglaasde' lichaam ontstaan en doordat de gebruikte oplossing giftig is.

De heilige graal van het cryonisme is het kunnen invriezen en weer ontdooien van een lichaam zonder dat er fatale schade optreedt. Dit zou gedemonstreerd kunnen worden door bijvoorbeeld een hond in te vriezen, te ontdooien en te reanimeren. Zover is de techniek echter nog lang niet. Voorlopig worden mensen nog ingevroren met een zekere invriesschade en, afhankelijk van hoe lang na het overlijden met de procedures wordt begonnen, een zekere schade doordat het lichaam met het aftakelingsproces is begonnen. Cryonisten hopen dat met toekomstige nanotechnologie deze schade kan worden hersteld en het lichaam weer jeugdig kan worden gemaakt. Nanotechnologie is het bewerken van materialen op heel kleine schaal, zoals die van cellen of zelfs moleculen. Nanotechnologie komt in de natuur voor in de vorm van bijvoorbeeld celdeling- en celreparatie-mechanismen. Het is denkbaar dat in de toekomst een zwerm van miljoenen kleine nanorobotjes in het lichaam wordt losgelaten die de schade repareren. Als het lukt om het lichaam en de hersenen na ontdooien weer in levende en gezonde staat te brengen, zou reanimatie daarmee een feit zijn.


In Nederland is er nog weinig geregeld voor cryonisten, zodat de kans dat er na onverwacht overlijden snel met de benodigde procedures en koeling wordt begonnen niet zo groot is. Om het afsterven van hersencellen te voorkomen, moet met die procedures bij voorkeur binnen enkele minuten na overlijden worden begonnen. Als dat bijvoorbeeld pas na een paar uur gebeurt, kan de aftakeling al zodanig zijn gevorderd dat de persoonlijkheid en het geheugen definitief verloren zijn. Maar doorgaans laten cryonisten toch vastleggen dat ze ook onder ongunstige omstandigheden willen worden ingevroren; wellicht valt de oorspronkelijke staat van de hersenen op het moment van overlijden te reconstrueren, ook als er enig verval heeft plaatsgevonden.

Maar gelukkig voor cryonisten kun je de meeste sterfgevallen, zoals aan kanker of een andere slopende ziekte, van tevoren zien aankomen. Dan kan er gezorgd worden dat er een cryonics-team stand-by is, zodat er na overlijden direct kan worden begonnen met de procedures. Het lichaam kan dan in zeer goede staat geconserveerd worden, alsof de tijd wordt stilgezet op het moment van overlijden. De kans dat iemand in de toekomst ooit gereanimeerd kan worden, is dan waarschijnlijk veel groter dan bij onverwachts overlijden, ver van een gespecialiseerd cryonisme-team.


Je laten invriezen is prijzig. Het grootste deel van het betaalde bedrag gaat in een fonds waarvan het jaarlijkse rendement (voor inflatie gecorrigeerd) voldoende moet zijn om de kosten van het ingevroren houden voor onbepaalde tijd te blijven betalen. Het zou immers eeuwen kunnen duren voordat de techniek zo ver is dat men bevroren mensen kan reanimeren – als het ooit al zover komt – hoewel optimisten denken dat een periode van vijftig jaar realistisch is. Het Cryonics Institute is veruit het goedkoopst en rekent 28 duizend dollar voor het invriezen en voor onbepaalde tijd ingevroren houden van een lichaam. Daar komen extra kosten bij voor de begrafenisondernemer die het eerste deel van de procedure uitvoert en het vervoer regelt. Alcor rekent voor de complete dienstverlening 150 duizend dollar (80 duizend dollar als je alleen je hoofd laat invriezen, in de hoop dat er door toekomstige medische technologie een nieuw lichaam onder je hoofd kan groeien). Europeanen betalen 25 duizend dollar meer vanwege extra logistieke problemen. Een reden dat Alcor zoveel duurder is, is omdat deze organisatie meer geavanceerde procedures gebruikt om haar leden met zo weinig mogelijk schade in te vriezen. Een andere reden is dat Alcor een veel groter bedrag per persoon voor het onderhoudsfonds reserveert, zodat er meer financiële zekerheid is.

Toch is cryonisme niet alleen voor de rijken. De meeste cryonisten financieren het invriezen met een levensverzekering die het benodigde bedrag bij overlijden uitbetaalt. Zo betaal ik voor de duurste optie bij Alcor per jaar 1700 dollar aan levensverzekeringspremie, plus 400 dollar lidmaatschapscontributie. Hoe jonger je bent als je zo'n verzekering afsluit, hoe lager de jaarlijkse premie.


We zijn gewend het overlijden te beschouwen als een gebeurtenis die plaatsvindt op een bepaald moment. Maar biologisch gezien is sterven een geleidelijk proces dat uren tot dagen duurt. Als iemand door een arts wordt doodverklaard, houdt dat alleen maar in dat het hart en de ademhaling tot stilstand zijn gekomen en dat er op basis van de huidige toestand van de medische wetenschap geen mogelijkheid meer is om de patiënt te reanimeren. Maar de meeste weefsels, (hersen)cellen en organen blijven na de 'dood' nog gedurende kortere of langere tijd in leven. Een donornier kan bijvoorbeeld gekoeld langer dan 24 uur in leven blijven, geschikt voor transplantatie. Veel cryonisten zien cryonisme dan ook niet als het idee dat mensen in de toekomst uit de dood kunnen worden opgewekt. Zij beschouwen iemand die (net) overleden is niet als dood, maar als iemand die in een soort coma verkeert.

De geschiedenis leert ons ook dat het begrip 'dood' medisch gezien langzaam verandert. Vroeger werd gedacht dat je dood was als hart en ademhaling gestopt waren. Toen bleek dat men soms mensen kon reanimeren die enkele minuten 'dood' waren geweest. Vervolgens veranderde de benaming en begon men mensen in die situatie 'klinisch dood' te noemen. En inmiddels is reanimatie zo gewoon dat het begrip 'klinisch dood' ook steeds minder vaak wordt gebruikt; mensen met een tijdelijke hart- en ademstilstand worden gewoon als levend gezien.

Naarmate de medische wetenschap er dus in slaagt mensen met een grotere mate van 'levenloosheid' te reanimeren, verschuift langzaam het tijdstip waarop we mensen dood verklaren. Als je die lijn doortrekt, zou het kunnen dat er ooit mensen kunnen worden gereanimeerd die volgens de standaarden van onze tijd bijvoorbeeld al een uur dood zijn. Het is zelfs mogelijk dat wij bezig zijn mensen te begraven of cremeren die volgens toekomstige medische inzichten nog helemaal niet dood zijn.

Er zijn nu al aanwijzingen dat de grens waarbij iemand nog gereanimeerd kan worden veel verder weg ligt dan medici nu aannemen (maximaal vijf minuten 'klinisch dood'). De reden dat reanimatie na een minuut of vijf meestal niet meer lukt, is niet dat de hersencellen dan al dood zijn, maar dat het plotseling weer opstarten van de bloedsomloop de hersencellen beschadigt. Met geavanceerde technieken zijn wetenschappers erin geslaagd honden te reanimeren na zestien minuten 'klinische dood'. En bij een experiment slaagde men er zelfs in een kat een uur na 'overlijden' te reanimeren. De dieren vertoonden na afloop normaal gedrag. In beide gevallen ging het om een periode van 'klinische dood' bij normale temperatuur (door koeling kan die periode nog veel verder worden gerekt).


Zestig wetenschappers hebben een verklaring ondertekend waarin ze stellen dat cryonisme een legitieme wetenschappelijke activiteit is, en dat toekomstige reanimatie van ingevroren mensen een reële mogelijkheid is (zie www.cryoletter.org). Hoewel dat laatste nog niet is aangetoond, zijn er wel verschillende wetenschappelijke feiten die deze mogelijkheid geloofwaardig maken. Zo slaagt men er steeds beter in om biologisch weefsel bevriezing te laten overleven. Sperma wordt sinds 1949 succesvol ingevroren en na ontdooiing gebruikt voor bevruchting. In 1984 werd de eerste baby geboren uit een bevruchte eicel die bevroren was geweest. En inmiddels zijn wetenschappers erin geslaagd een compleet orgaan na invriezing succesvol te transplanteren (de eierstok van een rat in 2002, de eierstok van een schaap in 2005 en de nier van een rat in 2005).

Er zijn verschillende gevallen bekend van mensen die zijn gereanimeerd na meer dan 45 minuten onder (koud) water te hebben gelegen. En er zijn experimenten gedaan met honden die werden afgekoeld tot vlak boven de nul graden, waarbij hun bloed tijdelijk werd vervangen door een speciale vloeistof. Na drie uur afwezigheid van hartslag en ademhaling is het gelukt de honden weer op te warmen, de vloeistof weer door bloed te vervangen en de dieren weer volledig tot leven te brengen. Er zijn plannen om zulke technieken ook voor mensen te gebruiken. Het koelen en stilzetten van hart en ademhaling van een ernstig gewonde soldaat op het slagveld zou hem levensvatbaar kunnen houden terwijl hij vervoerd wordt naar het ziekenhuis en daar wordt opgelapt. Dit alles pleit voor de aanname van cryonisten dat iemand in elk geval levensvatbaar blijft als hij na het intreden van 'klinische dood' snel wordt gekoeld. Dan rest natuurlijk nog wel het probleem dat we nog niet weten of iemand het invriezen ook kan overleven.

Er is wel al aangetoond dat zoogdierenhersenen bepaalde vormen van bevriezing kunnen doorstaan. Bij een experiment vertoonden kattenhersenen die vijf dagen met gebruik van antivriesmiddel ingevroren waren geweest bij -20 graden na opwarming weer spontaan hersenactiviteit (EEG) die weinig afweek van de hersengolven bij exemplaren die niet ingevroren waren geweest. Verder zijn er experimenten met hamsters gedaan die werden gekoeld tot net onder de nul graden. Na opwarming kwamen ze weer volledig tot leven en vertoonden ze normaal gedrag, zelfs als een deel van het water in de hersenen bevroren was geweest.

Er wordt veel verwacht van de ontwikkeling van nanotechnologie in de gezondheidszorg. Zo sponsoren de National Institutes of Health, onderdeel van het Amerikaanse ministerie van Volksgezondheid, onderzoek dat moet leiden tot de ontwikkeling van 'synthetische biologische apparaatjes' die bijvoorbeeld kapotte onderdelen van cellen kunnen repareren. Dit soort technieken kan in de toekomst misschien ook de schade in ingevroren lichamen repareren, zodat reanimatie mogelijk wordt.


Financieel lijkt cryonisme me een goede gok. Cryonisme kost me ongeveer twee keer zoveel als mijn ziektekostenverzekering. Door die ziektekostenverzekering kan ik misschien ooit als ik oud ben bijvoorbeeld van kanker genezen, zodat ik er tien extra levensjaren bij krijg. Maar als reanimatie in de toekomst lukt en er wordt een genezing voor veroudering gevonden, krijg ik er meer dan duizend extra levensjaren bij. Als ik inschat dat de kans hierop tien procent is, dan is het aantal statistisch verwachte levensjaren dat ik met cryonisme koop dus minimaal honderd. Zo beschouwd is cryonisme twee keer zo duur als een ziektekostenverzekering, maar levert het tien keer zoveel op, een hele goede deal dus. Maar goed, dat is gebaseerd op een persoonlijke, subjectieve inschatting. Voor iemand die inschat dat de kans dat reanimatie gaat lukken extreem klein is, is het geen goede deal.

Om zich met de onvermijdelijke dood te verzoenen, geloven de meeste mensen in sprookjes die de dood voorstellen als iets goeds in plaats van iets slechts. Voor sommigen is dat religie, dat ons een eeuwig leven na de dood belooft. Voor atheïsten is dat het idee dat de dood natuurlijk is, en dus bij het leven hoort. En voor anderen is dat het idee dat het egoïstisch is om niet dood te gaan en daarmee plaats te maken voor nieuwe generaties.

Deze doodsverering wordt goed geïllustreerd in een interview met Jan Peter Balkenende en Wouter Bos, vlak voor de verkiezingen van 2003, over hoe ze zouden reageren op diverse hypothetische beleidsvragen. Zo vertellen beiden wat ze ervan zouden vinden als er een nieuwe gentechniek zou worden uitgevonden waardoor mensen in een klap gemiddeld twintig jaar langer kunnen leven. Balkenende: "Dit vind ik tegen de natuur in. Want dan kun je zeggen: nu twintig jaar meer, maar dat ligt over tien jaar misschien weer anders. Dan zeg ik: dit is toch niet meer waarvoor het menselijk leven eigenlijk is bedoeld." Bos: "Ja, ik heb er dezelfde huiver bij. Het komt allemaal in de sfeer van het recht op eeuwig geluk en eeuwig leven. Dat hoort niet bij mijn conceptie van mens-zijn en leven. Daar hoort ook ouder worden en ziekte en dood bij, en ik geloof niet dat we dat koste wat kost moeten proberen uit te bannen" (NRC Handelsblad, 18 januari 2003).

Misschien is deze houding de reden dat er relatief weinig onderzoek wordt gedaan naar cryonisme en het stoppen van veroudering. Maar onze cultuur is in dit opzicht wat tweeslachtig. Want waarom is het prima dat mensen van een jaar of tachtig doodgaan omdat dat natuurlijk is, maar zetten we wel alle middelen in om natuurlijke ziektes bij mensen tussen de nul en de tachtig te bestrijden?


Mocht het idee van cryonisme werken, dan is het leuke dat de proefpersonen daar direct na hun overlijden achterkomen. De tijd van het ingevroren zijn zal vanuit persoonlijk perspectief in een flits voorbij gaan, omdat de hersenen al die tijd volledig stilstaan. Als de hersenen na eeuwen opnieuw worden opgestart, zal het dus waarschijnlijk aanvoelen als na een korte slaap direct wakker worden in de toekomst.

Het zal wel een onzekere toekomst zijn. Hopelijk zal men u tot leven wekken in een volledig verjongd en gezond lichaam, vrij van de kwaal waaraan u overleed. Maar uw oude baan zult u vast niet meer hebben, er is een goede kans dat al uw vrienden en familieleden niet meer leven en uw huis en bankrekening zullen waarschijnlijk ook allang verdwenen zijn. Wat gaat u doen? Hoe verdient u uw geld? Hebben uw huidige opleiding en werkervaring nog wel nut in de toekomst? Zijn er überhaupt nog banen? Lijkt de wereld nog op de wereld die u kent? Is het een wereld waarin u wilt leven? Over al deze zaken valt weinig te zeggen, behalve dat we het allemaal niet kunnen voorspellen. Wakker worden in de toekomst is dus zowel een gok als een avontuur.

Of reanimatie in de toekomst nu wel of niet lukt, een invriescontract geeft tenminste hoop. En misschien is alleen al die hoop het ervoor betaalde geld waard. Wat dat betreft is cryonisme een mooi atheïstisch alternatief voor de religieuze hoop op een leven na de dood. De wetenschap dat ik zal worden ingevroren verschaft me het prettige gevoel dat er tenminste een káns is dat ik na mijn overlijden weer wakker word, in een nieuwe, vreemde, interessante toekomst.


Terug naar Henry Sturmans homepage

Email: henry@sturman.net